Bongers, Posthumus & Verboord is een professionele adviesorganisatie op het gebied van accountancy, belastingadvies en administratieve dienstverlening, met vestigingen in ...meer >>
juli 2007
De Hoge Raad heeft recent met een tweetal uitspraken een einde gemaakt aan de onduidelijkheid rondom de loonbelastingverklaring die was ontstaan na een reeks eerdere uitspraken van lagere rechters.
In de situatie van beide uitspraken is er bij een uitzendbureau een boekenonderzoek ingesteld door de belastingdienst. Tijdens een controle bleek dat de loonbelastingverklaringen voor een aantal werknemers ontbraken en dat de verklaringen voor een aantal werknemers onvolledig of onjuist waren. De inspecteur heeft vervolgens een naheffingsaanslag opgelegd met toepassing van het anoniementarief van 52%.
De Hoge Raad oordeelt dat wanneer een werkgever niet voldoet aan de in de Wet op de loonbelasting 1964 gestelde eisen voor de loonbelastingverklaring, het anoniementarief van toepassing is. De werkgever voldoet niet aan de gestelde eisen indien de loonbelastingverklaring ontbreekt, maar ook als deze bijvoorbeeld niet door de werknemer is ondertekend.
Als de loonbelastingverklaring onjuiste gegevens bevat waarvan de werkgever wist of redelijkerwijs moest weten dat deze niet juist waren, dient ook het anoniementarief toegepast te worden. Op de werkgever ligt een zekere verantwoordelijkheid om de juistheid van de door de werknemer verstrekte gegevens te controleren. De bewijslast ligt bij de werkgever om aan te tonen dat hij redelijkerwijs niet wist en niet kon weten dat de opgegeven gegevens onjuist waren.
De Hoge Raad maakt hiermee een einde aan de onduidelijkheid die is ontstaan na een reeks eerdere uitspraken over de loonbelastingverklaring van lagere rechters, waarbij de uitkomsten uiteen liepen.
Met ingang van 2007 is de loonbelastingverklaring komen te vervallen, waardoor het directe belang van de uitspraken van de Hoge Raad in eerste instantie achterhaald lijkt. Vanaf 1 januari 2007 zijn werkgevers nog steeds verplicht om voor elke werknemer een getekend document in de administratie te hebben waarin zowel de NAW-gegevens als de keuze voor het wel of niet toepassen voor de heffingskorting zijn opgenomen. Het document is vormvrij, maar moet wel dezelfde gegevens bevatten als de ‘oude’ loonbelastingverklaring.
De uitspraken van de Hoge Raad kunnen ook belang hebben voor de toekomst. Voor werkgevers blijft het van groot belang om de administratie op dit punt op orde te hebben.
Bron: Hoge Raad 8 juni 2007, nrs. 42.171 en 43.045